Email

info@paardoptimaal.nl

Dat ruwvoer belangrijk is voor paarden is inmiddels bij de meeste mensen wel bekend, maar over wat het beste ruwvoer is verschillen de meningen nog al eens. Omdat dit zo’n belangrijk onderdeel is van het rantsoen van je paard wilde ik mijn mening hierover toch eens in een blog uitwerken. In deze blog ga ik het hebben over het verschil tussen hooi, voordroog en kuil, en wat mijn inziens beter is. Het wordt allemaal gemaakt van gras, maar het verschil zit erin hoe het verwerkt en opgeslagen wordt. Hoe dat precies zit, leg ik in deze blog uit.

Spijsvertering

Ruwvoer is ontzettend belangrijk voor je paard en het maakt – als het goed is – het grootste deel uit van het dagelijkse rantsoen. De spijsvertering van een paard is er op gemaakt om de hele dag door kleine hoeveelheden vezelrijke voeding te verteren, zoals ze dit in het wild deden. Bij ruwvoer denk je dan ook niet alleen aan hooi, voordroog en gras, maar ook aan planten, kruiden, bomen en struiken die paarden in het wild tegen zouden komen. Van nature zijn paarden geen grazers maar verzamelaars, die in hun omgeving zelf zoeken naar en selecteren welke planten, bladeren, kruiden en dergelijke ze nodig hebben. Voor deze manier van leven is de spijsvertering gemaakt. Belangrijk om hierin te benadrukken is dat paarden dus gemaakt zijn om vezelrijke voeding met een lage voedingswaarde te verteren. 

Onze hedendaagse gedomesticeerde paarden leven uiteraard niet meer hetzelfde als wilde paarden, maar ze hebben nog wel grotendeels dezelfde spijsvertering. Daarom vind ik het belangrijk dat bij het voeren van een paard gekeken wordt naar de oorspronkelijke leefomstandigheden en vooral ook het rantsoen. Daarnaast mag de maag van een paard niet te lang leeg zijn omdat maagzuur dan voor problemen gaat zorgen. Dit komt doordat een paard continu maagzuur aanmaakt wat door bicarbonaat in het speeksel geneutraliseerd moet worden, en speeksel maakt een paard alleen aan als hij kauwt. Zonder speeksel kan het maagzuur niet geneutraliseerd wordt en kan het de maagwand gaan irriteren. Dit leidt tot ontstekingen die we maagzweren noemen. Om deze redenen is ruwvoer ontzettend belangrijk voor je paard.

Soorten ruwvoer

Omdat ruwvoer zo’n groot aandeel heeft in de voeding van je paard is de kwaliteit van je ruwvoer belangrijk. Goed ruwvoer helpt je paard, terwijl slecht ruwvoer een grote verscheidenheid aan problemen in het lichaam van je paard kan veroorzaken. De gezondheid van je paard kan vallen of staan met de kwaliteit van je ruwvoer. Ook voor de conditie van je paard is het belangrijk dat het ruwvoer aansluit bij de behoefte van je paard. Een paard met overgewicht wil je heel arm ruwvoer geven, terwijl een paard dat te mager is juist wel wat meer energie kan gebruiken.

In deze blog ga ik uit van onverpakt hooi, voordroog en kuil. Onverpakt hooi is hooi wat met strotouwtjes bij elkaar gebonden is. Veel mensen noemen voordroog ook hooi, maar zodra het in plastic verpakt is is het geen hooi meer. Voordroog is, doordat het minder lang op het land heeft liggen drogen, wat natter als het in plastic ingepakt wordt en kuil is koeienvoer dat helemaal niet geschikt is voor paarden. Voordroog wordt ook wel kuilgras of paardenkuil genoemd, maar het is dus wel belangrijk dat je je paard geen echt koeienkuil voert. Ik vind het dan ook belangrijk om tussen deze 3 onderscheid te maken omdat de termen vaak door elkaar gebruikt worden.

Om nog even kort op koeienkuil in te gaan: dit is bedoeld voor koeien en stimuleert de melkproductie. Daarom bevat het vaak veel melkzuur en azijnzuur. Ook heeft het hoge fructaan- en eiwitgehaltes. Voor een paard is kuil veel te rijk. Ik ben dan ook van mening dat dit voor paarden geen optie is, en neem het in deze blog verder niet mee.

Drogestofgehalte

Het grootste verschil tussen hooi, voordroog en kuil is het aanwezige drogestofgehalte door de tijd die het krijgt om te drogen, en de manier van conservering. Het drogestofgehalte is een kenmerk van stoffen die van nature een aanzienlijk watergehalte hebben. Het drogestofgehalte is het gehalte wat niet nat is in het ruwvoer. Hooi heeft een drogestofgehalte van 80-90%, voordroog van 65-80% en kuil maximaal 35-45%. In hooi zit dus het minste water en in kuil het meeste. Dit gehalte hangt samen met het aantal dagen dat het gras op het land heeft liggen drogen. Dit is bij hooi ongeveer 5 tot 7 dagen, bij voordroog 3 tot 5 dagen, en bij kuil slechts 48 uur. Ook als voordroog een hoger drogestofgehalte heeft is het nog steeds voordroog doordat het in plastic ingepakt is.

Wat is hooi?

Dan gaan we eerst kijken naar hooi. Hooi ligt dus 5-7 dagen te drogen op het land. Het moet goed droog zijn, en dus een hoog drogestofgehalte hebben, voordat het ingebonden wordt, omdat het anders kan gaan broeien. Als hooi gaat broeien zetten bacteriën voedingsstoffen om in zuur waardoor het hooi opwarmt. Dit kan leiden tot de groei van ongewenste bacteriën, gisten en schimmels die een gezondheidsrisico vormen voor je paard. Denk hierbij aan diarree, koliek en luchtwegproblemen. Ook vermindert daardoor de hoeveelheid voedingsstoffen in het hooi. Een aantal voedingsstoffen verminderen sowieso hoe langer het hooi in opslag ligt, vitamine E bijvoorbeeld. In hooi zit weinig vocht, waardoor nauwelijks fermentatie plaats kan vinden. Dit maakt hooi stabiel. 

Hooi is 6 weken na het maaien eetbaar voor je paard. Er bestaan veel verschillende soorten hooi, zoals graszaadhooi en kruidenhooi, maar ook hooi dat van ‘normaal’ gras gemaakt is kan verschillen. De omstandigheden en het moment van maaien hebben grote invloed op de voedingswaarde van het hooi. Het verschil zit daarnaast ook in de structuur. Deze kan grof en stengelig zijn, of juist heel fijn. Dan heb je ook nog verschillen tussen hooi wat uit Nederland komt, en hooi uit andere landen, maar ook binnen Nederlandse weilanden kun je verschillen zien in de voedingswaarde van het hooi dat er vanaf komt. Dit heeft te maken met de voedingsstoffen die in de grond aanwezig zijn.

Om te maken is hooi duurder en kost het meer tijd dan voordroog. Het moet langer drogen, maar daarnaast moet het ook regelmatig geschud worden terwijl het ligt te drogen. Ook moet onverpakt hooi droog opgeslagen worden omdat er geen plastic omheen zit dat het beschermt. Dit vraagt dus om veel opslagruimte. Dit, en de hogere prijzen, kan hooi minder aantrekkelijk maken om (grootschalig) te voeren.

Wat is voordroog?

Dan gaan we nu verder in op voordroog. Voordroog is gras dat maar 3-5 dagen ligt te drogen op het land, voordat het in luchtdicht plastic verpakt wordt. Daardoor kan er geen zuurstof meer bijkomen wat fermentatie mogelijk maakt. Voordroog wordt houdbaar door fermentatie. Bij het juiste drogestofgehalte zijn de omstandigheden voor bacteriën optimaal. Bacteriën in de baal gaan dan suikers omzetten in melkzuur, azijnzuur en alcohol. Dit zorgt voor verzuring van de baal. Afhankelijk van het vochtgehalte zal de pH-waarde zakken, waardoor de baal verzuurd, totdat een stabiele waarde is bereikt. Voordroog met een lager drogestofgehalte – en dus meer vocht – zal ook zuurder worden omdat er meer vocht in zit. Ook hoge fructaangehaltes kunnen voor meer verzuring zorgen. Door het zuurdere milieu stopt de groei van bacteriën op een gegeven moment en wordt voordroog stabiel. Voordroog mag niet te droog zijn want dan gaat het schimmelen doordat fermentatie niet mogelijk is zonder vocht. Als het te nat is hebben boterzuurbacteriën en rottingsbacteriën meer kans om te groeien. Hierdoor kan een pak ook bederven. Goede kwaliteit voordroog komt dus best wel nauw. Het drogestofgehalte kan per baal verschillen, net als de hoeveelheid zuren en micro-organismen. Aan deze verschillen moet je paard met iedere baal weer opnieuw wennen, wat best veel van de spijsvertering van je paard kan vragen.

Voordroog wordt ingepakt met plastic om te voorkomen dat het gaat schimmelen. Als je een baal voordroog openmaakt moet je deze ook binnen bepaalde tijd op maken om schimmel te voorkomen. Het inpakken van hooi is niet natuurlijk. Daarom sluit voordroog niet per se aan bij de natuur van een paard en bij datgene waar hun spijsvertering op ingesteld is. Gras kan in de natuur namelijk wel drogen, maar niet luchtdicht in plastic verpakt worden. Een voordeel van voordroog is dat het minder stoffig is, wat voordelig kan zijn voor paarden met luchtwegproblemen.

Omgevingsfactoren

Of het nou om hooi of om voordroog gaat, er zijn een aantal factoren die bij beiden effect hebben op het eindproduct. Hierbij kun je denken aan het moment waarop het gemaaid is, het weer op het moment van maaien en de conditie van het weiland waar het vanaf gemaaid is. Deze factoren hebben invloed op de kwaliteit en de aanwezige voedingsstoffen. Het is dan ook niet per definitie zo dat voordroog rijker aan voedingsstoffen is dan hooi, zoals veel mensen denken. De leeftijd van het gras heeft hierbij de grootste invloed. Voor paarden is het het beste om volwassen gras te geven, omdat dit vezelrijker is. Jong gras kan ook voor te hoge voedingswaardes zorgen in ruwvoer. Dat komt omdat dit nog aan het groeien is en daarom veel voedingsstoffen bevat die de plant nodig heeft om te groeien. Ook heeft de grond van het weiland invloed op de hoeveelheid voedingsstoffen die aanwezig zijn in het ruwvoer. 

De tijd van het jaar, maar ook het tijdstip op de dag kan bijvoorbeeld invloed hebben op de hoeveelheid fructaan die aanwezig is in het gras, en dus ook de hoeveelheid in hooi of voordroog. Idealiter wordt het gras ‘s ochtends gemaaid omdat de fructaangehaltes dan lager zijn dan later op de dag, tenzij het ‘s nachts koud is geweest. Dan heeft het gras niet kunnen groeien en zit er ‘s ochtends nog steeds veel fructaan in. Voor paarden is ruwvoer met een laag suikerpercentage namelijk beter. De weersomstandigheden voorafgaand aan en op het moment van maaien hebben ook invloed. Droge omstandigheden zorgen voor grover hooi, en daarnaast wordt het hooi daar ook duurder van. Dat zullen veel mensen de laatste jaren wel gemerkt hebben door stalprijzen die omhoog gingen door de stijgende ruwvoerprijzen. Ook of het weiland wel of niet bemest is maakt verschil, en natuurlijk wat voor gras er op het weiland staat. Van een weiland met Engels raaigras krijg je minder divers ruwvoer dan van een weiland vol kruiden. De aanwezigheid van mineralen in de grond waar het gras op staat bepaalt ook de aanwezigheid van deze voedingsstoffen in het gemaaide hooi of voordroog. Van sporenelementen als selenium en zink is vaak te weinig aanwezig in de bodem in Nederland. 

Hoeveel ruwvoer heeft een paard nodig?

Als je gaat kijken hoeveel ruwvoer je paard moet hebben, zit hierin een verschil tussen hooi en voordroog. Dit komt doordat een paard een bepaalde behoefte heeft aan droge stof, en zoals ik net uitgelegd heb, bevat hooi dus meer drogestof dan voordroog. Omdat voordroog een lager drogestofgehalte heeft, moet je van voordroog dus meer geven dan van onverpakt hooi om aan hetzelfde drogestofgehalte te komen. Verkijk je hier dus niet op door te rekenen met de verkeerde getallen. Om zeker te weten dat je paard genoeg ruwvoer binnenkrijgt, kan het verstandig zijn om de hooi inname te meten. Dit kan bijvoorbeeld door hooinetten of bakken met hooi te wegen. Zorg altijd dat je weet hoeveel je paard krijgt, ook als je paard op een pensionstal staat en door de staleigenaar gevoerd wordt. Soms denken paardeneigenaren dat hun paard best wel veel ruwvoer krijgt, maar als ze het dan gaan meten blijkt het veel minder te zijn dan wat hun paard nodig heeft. Een gezond paard heeft dagelijks zo’n 1,5% van zijn lichaamsgewicht nodig aan droge stof. Een paard van 600 kg heeft dus 9 kg droge stof per dag nodig. Dat is zo’n 12 kg hooi of 15 kg voordroog.

Eerste snede

Je zult vast wel eens van eerste snede gehoord hebben, maar wat betekent dat nou precies en is het wel of niet goed? Afhankelijk van het weer kan er van een weiland meerdere keren hooi gemaaid worden. Hooi van de eerste keer dat er gemaaid wordt noemen we de eerste snede. Bij de eerste snede is het wel belangrijk wanneer deze gemaaid wordt. Een eerste snede die al in het voorjaar gemaaid wordt kan te veel voedingsstoffen bevatten: deze zijn beter geschikt voor koeien bijvoorbeeld. Er zijn echter ook veel weilanden die enkel voor paardenvoer gebruikt worden, en hier wordt de eerste snede later van het land af gehaald, bijvoorbeeld pas in de zomer. In dat geval is de eerste snede beter dan de tweede snede. Deze eerste snede bevat meestal meer voedingsstoffen en vezels. Als je paard van een latere snede in het jaar overgaat op eerste snede is het belangrijk om dit geleidelijk te doen, dus steeds meer van het eerste snede hooi geven en steeds minder van het oude hooi. Zo kan de darmflora van je paard zich aanpassen aan de andere voedingswaarde.

Wat is beter?

Over de gevolgen van het voeren van voordroog is op lange termijn nog vrijwel niks bekend. Paarden eten al eeuwen ruwvoer wat vergelijkbaar is met onverpakt hooi dus we weten dat ze het daar goed op doen. Voordroog is echter iets van de laatste tientallen jaren. Er is daarom nog te weinig onderzoek gedaan naar de lange termijn gevolgen van voordroog. Daarnaast blijft het ook sterk afhankelijk van het individu. De darmflora van het ene paard kan zich sneller aanpassen aan andere omstandigheden dan die van het andere paard. Dat een paard zich makkelijk aan kan passen aan ander voer maakt het voer echter nog niet gezond. Paarden kunnen een groot aanpassend vermogen hebben, maar dat kan ook uitgeput worden en dat is wanneer problemen zich gaan uiten.

Wel is het aannemelijk dat voordroog negatieve effecten kan hebben voor je paard als je gaat kijken naar de processen die erin plaatsvinden en hoe de spijsvertering van een paard werkt. Er zijn in voordroog melkzuurbacteriën aanwezig, bacteriën die melkzuur uitscheiden. Dit is ook wat vrijkomt wanneer een paard een zetmeelrijk dieet krijgt, en deze zorgen voor verzuring van de darmen. Iets waar de darmen niet goed tegen kunnen. Goede bacteriën sterven hierdoor af en de toxines die hierbij vrijkomen kunnen dingen als koliek, hoefbevangenheid of diarree veroorzaken. Ondertussen vermeerderen de melkzuurbacteriën, en van deze bacteriën wil je eigenlijk maar 1% in de darmen van je paard op het totaal aantal micro-organismen. Als er in verhouding te veel melkzuurbacteriën in de darmen komen die het paard niet dienen is er sprake van een dysbiose. Dit gaat ten koste van de goede bacteriën die stoffen aanmaken die je paard nodig heeft zoals vitamine B, Ook raakt het darmslijmvlies geïrriteerd door deze melkzuren. Hierdoor kunnen grootschalige ontstekingen ontstaan in de darmwand wat kan leiden tot een leaky gut. Dit betekent dat de darmwand van je paard een hoge doorlaatbaarheid krijgen. Waar het darmslijmvlies normaal gesproken minuscule openingen heeft om voedingsstoffen door te laten, worden deze openingen dan groter waardoor er ongewenste stoffen in de bloedbaan terecht kunnen komen. Een leaky gut kan dan weer leiden tot hele diverse problemen als koliek, diarree, eczeem en hoefbevangenheid. De weerstand van je paard wordt voor 80% bepaald door de darmen, wat de darmgezondheid van je paard erg belangrijk maakt. Darmproblemen veroorzaken aandoeningen als KPU, zomereczeem, jeuk, koliek, mestwater, diarree etc.

Voordroog is al gefermenteerd voordat je paard het opeet, terwijl de dikke darm van een paard een groot fermentatievat is. Hier zou ruwvoer onder invloed van micro-organismen verteerd moeten worden waarbij voedingsstoffen vrijkomen die je paard nodig heeft. Als dit fermentatieproces al plaatsgevonden heeft, heeft dat in de darmen invloed op de mate waarin deze belangrijke voedingsstoffen nog geproduceerd kunnen worden door de juiste micro-organismen.

Het lichaam van je paard gaat melkzuur omzetten naar glucose zodat dit verbrand kan worden en je paard hier energie van krijgt. De melkzuren die niet omgezet worden, worden opgeslagen in het bindweefsel. Dit kan ervoor zorgen dat je paard dikker lijkt te worden, maar eigenlijk lymfatisch wordt, doordat afvalstoffen in het bindweefsel vast gehouden worden. Dit alles heeft effect op het vermogen van het paard om zelf vitamines aan te maken, wat weer effect heeft op de natuurlijke ontgifting en tot overbelasting van de nieren en lever kan leiden.

Verzuring ligt dus wel op de loer als het gaat om het voeren van voordroog. Het kan echter jaren duren voordat zulke processen merkbaar worden, waardoor men niet meteen de link met voordroog zal leggen. Zo kan een paard al 2 winters voordroog krijgen, maar pas de 3e winter problemen krijgen. De oorzaak zal dan niet in voordroog gezocht worden, want dat krijgt het paard tenslotte al 2 winters. Toch kan de oorzaak wel in voordroog liggen en is dat een belangrijk aspect om mee te nemen. Een paard kan al langer kleinere problemen hebben, waarvan niet aan de voeding gedacht wordt. Problemen als diarree en jeuk worden gezien als iets wat nou eenmaal voorkomt bij paarden terwijl het vaak door de voeding veroorzaakt wordt.

In de woorden van Jantine Steehouder is voordroog eerder een sluipmoordenaar dan een acute terrorist. De vraag is of je dit risico wil lopen of niet. Dat moet iedereen voor zich bepalen.

Mijn voorkeur

Dit alles is voor mij de reden dat ik absoluut de voorkeur geef aan onverpakt hooi boven voordroog. Wel moet gezegd worden dat er ook slechte hooi partijen zijn, en betere voordroog partijen. Je moet ruwvoer dus altijd op de kwaliteit beoordelen van datgene wat jij voert of wil gaan voeren. Toch raad ik voordroog voor geen een paard aan omdat er gewoon te veel nadelen aan het luchtdicht verpakken zitten.

Er zijn natuurlijk ook veel situaties waarin je als eigenaar niet zoveel te zeggen hebt over wat je paard krijgt. Nou vind ik dit vaak wel erg makkelijk en ben ik persoonlijk van mening dat als de zorg voor je paard niet goed genoeg is op je pensionstal, je het je paard schuldig bent om verder te zoeken naar een plek waar de zorg wel goed is. In de tussentijd zou je met een voedingsexpert of een natuurgenezer bijvoorbeeld wel kunnen kijken of je je paard kan ondersteunen om het effect dat voordroog kan hebben af te remmen.

Het mooiste zou zijn als je ruwvoer dan ook nog van een weiland komt dat rijk is aan bloemen en kruiden die goed voor je paard zijn. Bermhooi wil je altijd vermijden, want in een berm langs de weg wordt nogal eens wat afval gegooid wat je ook terug kan vinden in je hooi en dit gras krijgt ook te maken met uitlaatgassen die niet gezond zijn. Als het om ruwvoer gaat is goedkoop vaak duurkoop. Ruwvoer is ontzettend belangrijk voor je paard en zijn gezondheid valt of staat ermee. Slechte kwaliteit ruwvoer heeft effect op de gezondheid van je paard, en kan dus resulteren in hogere kosten aan de dierenarts. In het slechtste geval kunnen er zelfs giftige planten in zitten waar je paard door vergiftigd wordt. 

Aanbevolen artikelen

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *